Tegen een uitspraak kunt u bezwaar maken. Het bezwaarschrift moet worden ingediend binnen twee maanden na de dagtekening van de beschikking. In het bezwaarschrift geeft u gemotiveerd aan waarom u het niet eens bent met deze beschikking. Als het bezwaar is gericht tegen de vastgestelde waarde, geeft u aan waarom u vindt dat de vastgestelde waarde niet correct is en wat de juiste waarde volgens u zou moeten zijn. Als u over een recent taxatierapport beschikt, kunt u dat als bewijs meesturen. Als het object recent verkocht of aangekocht is, kunt u de (ver)koopakte bij uw bezwaarschrift toevoegen. Eveneens kan bezwaar worden gemaakt indien u op de peildatum geen rechthebbende van de onroerende zaak (meer) bent. Tevens kan bezwaar worden gemaakt indien u meent dat een vrijstelling van toepassing is. In het bezwaarschrift vermeldt u altijd uw naam, adres, CRIB-nummer, het kenmerk van de beschikking en de objectgegevens zijnde het adres en de kadastrale gegevens.

Beroep
U kunt vervolgens ook in beroep gaan tegen een uitspraak. Indien uw bezwaar niet ontvankelijk is, kunt u in beroep komen tegen de niet-ontvankelijkverklaring. Dien uw beroepschrift uiterlijk binnen twee maanden na dagtekening van de uitspraak in.